De laatste jaren wordt steeds vaker gesproken over hoogbegaafde kinderen die anders bedraad zijn. De term wordt regelmatig gebruikt om te beschrijven dat sommige kinderen informatie, prikkels en leerervaringen op een andere manier verwerken. Maar wat betekent dat eigenlijk? Leert jouw hoogbegaafde kind anders en wat betekent dat voor de manier waarop onderwijs aangeboden wordt?
Deze term ‘anders bedraad‘ kwam vorige week naar voren tijdens een overleg. Na het toetsen bleek dat 2 leerlingen talig sterk waren, maar minder hoog ‘scoorden’ op rekenen. Er was sprake van een groot verschil tussen verbale en performale vaardigheden en op de SIDI PO kwamen beide leerlingen op groen uit.
Tijdens het gesprek ontstond de vraag: Laten we hen in de projectgroep. Daarop volgde een tweede vraag: Tegenwoordig heeft men het over anders bedraad zijn. Hoe sta jij hierin? Deze vragen vormden de aanleiding voor dit bericht.
Ons brein verandert voortdurend. De bekende uitspraak “Neurons that fire together, wire together” beschrijft hoe verbindingen die vaak samen actief zijn sterker worden. Tegelijkertijd geldt ook het principe “Use it or lose it”: verbindingen die weinig worden gebruikt, kunnen zich minder sterk ontwikkelen.
Niet alle hoogbegaafde kinderen leren op dezelfde manier. Toch lijken sommige kinderen behoefte te hebben aan het grotere geheel voordat afzonderlijke stappen betekenis krijgen. Zij willen eerst weten waarom iets belangrijk is, hoe onderdelen samenhangen of waar een opdracht uiteindelijk naartoe leidt (topdown)
Tegelijkertijd wordt onderwijs vaak stap voor stap opgebouwd. (bottum up)
Eerst de onderdelen, daarna het geheel. Wanneer jouw zoon juist behoefte heeft aan overzicht en samenhang, kan er een mismatch ontstaan tussen de manier waarop hij leert en de manier waarop het onderwijs wordt aangeboden.
Sommige kinderen begrijpen daardoor snel de onderliggende structuur van een opdracht. Zij leggen verbanden, herkennen patronen en hebben minder herhaling nodig om een concept te begrijpen. Dat betekent echter niet dat zij niets meer hoeven te leren.
Het kan zijn dat jouw hoogbegaafde zoon iets beheerst zonder het volledige leerproces te hebben doorlopen. Goede resultaten betekenen niet automatisch dat een kind heeft geleerd hoe het leert. Omgekeerd betekent moeite met automatiseren niet automatisch dat een kind minder potentieel heeft.
Automatiseren vraagt vaak om herhaling. Juist die herhaling zijn sommige kinderen minder gewend. Wanneer een kind lange tijd vooral op inzicht heeft kunnen vertrouwen, was veelvuldig oefenen niet altijd noodzakelijk. Hoe is dat voor jouw zoon?
Tegelijkertijd werkt herhaling niet voor ieder kind op dezelfde manier. Eindeloos rijtjes oefenen of steeds dezelfde taak herhalen leidt niet automatisch tot automatiseren. Sommige kinderen leren juist door beweging, door materialen te gebruiken, door hardop te denken, door betekenisvolle opdrachten of door nieuwe verbanden te leggen.
Misschien vraagt automatiseren dan niet om méér van hetzelfde, maar om een andere route. Niet alleen opnieuw oefenen, maar anders oefenen.
Dat kan zichtbaar worden in moeite met automatiseren, weerstand tegen oefenen, onzekerheid wanneer iets niet direct lukt of frustratie wanneer inspanning ineens nodig wordt.
In gesprekken over projectgroepen ontstaan dan vragen. Is de basis voldoende op orde? Hoe kijken we naar automatiseren? En hoeveel gewicht geven we aan verschillen tussen sterke en minder sterke vaardigheden?
Daarnaast kan er nog een andere vraag worden gesteld:
Wanneer we spreken over kinderen die anders bedraad zijn, zou dat bij sommige kinderen samen kunnen hangen met een andere manier van leren, ervaren of begrijpen. Zij lijken soms een bredere context mee te nemen, leggen snel verbanden of hebben eerst overzicht en betekenis nodig voordat afzonderlijke onderdelen samenkomen.
Dat vraagt niet altijd om méér oefening, maar soms om een andere ingang, een andere vorm van aanbieden of een andere route naar dezelfde vaardigheid.
Misschien begint passend onderwijs niet bij de vraag wat een kind nog niet kan, maar bij de nieuwsgierigheid naar hoe dit kind leert. Vanuit dat begrip kan ruimte ontstaan voor een andere route naar dezelfde ontwikkeling.
Gaat jouw zoon naar een projectgroep of plusklas of zou je dat graag willen en wil je hierover meer weten?
Stel me een vraag, boek een sessie, stuur me een mailtje, om door de bomen het bos weer te zien en ook jouw mogelijkheden (of die van je kind) te benutten. Ik help je graag!