Heftige emoties bij hoogbegaafde kinderen

Reguleren of controleren?

Heftige emoties hoogbegaafde kinderen

Heftige emoties bij hoogbegaafde kinderen komen regelmatig voor. Ouders en leerkrachten vragen zich dan vaak af hoe zij een kind kunnen helpen omgaan met deze intense gevoelens. Ongeveer een half jaar geleden schreef ik een blog met de vraag: Kun je teveel emoties hebben?

Aanleiding waren twee kinderen die tijdens een kennismaking in een groep hoogbegaafde kinderen met zogeheten externaliserende problemen allebei zeiden: “Ik heb teveel emoties.” Dat zinnetje bleef mij bij. In dat eerdere blog schreef ik over de heftige emoties die veel hoogbegaafde kinderen ervaren en over hoe zij kunnen leren omgaan met die gevoelens.

De afgelopen maanden begon ik daar een nieuwe laag in te zien. Niet omdat dat eerdere inzicht niet klopt, maar omdat er iets anders zichtbaar werd. Ik zag een verschil tussen emoties reguleren en emoties controleren.

 

Wat betekent
“ik heb teveel emoties”?

 

Maar wat betekent dat eigenlijk: teveel emoties hebben? Te veel gevoelens? Te heftige reacties? En vooral: in wiens ogen zijn ze te veel? Zijn het de emoties van het kind zelf die te groot voelen? Of zijn het volwassenen en andere kinderen die er moeite mee hebben? Toen ik terugdacht aan de woorden van die jongen, voelde ik iets anders onder zijn uitspraak.

Niet alleen dat zijn emoties te groot zijn, maar dat hij ervaart dat hij zelf teveel is.
Te veel voor de klas, te veel voor volwassenen, te veel voor de wereld om hem heen.

Een moment in de klas

Die gedachte kwam deze week opnieuw bij mij naar boven door een ervaring met een leerling. Een jongen die soms agressief kan reageren.

Hij krijgt veel begeleiding in de klas en wordt ook door medeleerlingen regelmatig negatief benaderd.

 

“Wil jij mijn familie worden?”

 

Tijdens een les vroeg hij mij of ik een stuk karton voor hem had. Toen hij het had opgehaald, vroeg hij: “Wil jij hier iets op schrijven? Dat kan ik nog niet.” Hij wilde dat er stond: Wil jij mijn familie worden?

 

Ik liet hem de woorden overtrekken en versieren met bloemen. Een collega reageerde prachtig: “We zijn één grote schoolfamilie.” Aan het einde van de les liep hij weg. Na een paar meter draaide hij zich om, kwam terug en gaf nog even een knuffel.

Soms laten kinderen in één klein moment zien waar het eigenlijk om gaat. Niet om gedrag. Maar om de vraag: Hoor ik erbij?

Waardoor hoogbegaafde kinderen vaak heftige emoties ervaren

Brein en amygdala

Psycholoog Matt Zakreski beschrijft dat hoogbegaafde kinderen vaak ‘big feelings’ hebben. Hun brein maakt veel verbindingen. Er zijn meer gedachten, meer associaties en vaak ook meer emoties. Hij vergelijkt het hoogbegaafde brein wel eens met een Ferrari met het remsysteem van een MG TD: veel kracht, maar een remsysteem dat zich nog moet ontwikkelen.

Maar betekent dit dat heftige emoties nu eenmaal bij hoogbegaafdheid horen en dat we ze dan maar moeten accepteren? Niet helemaal

 

Het probleem is meestal niet dat kinderen emoties hebben.
Het probleem is dat er vaak weinig ruimte is voor die emoties.

 

Wanneer emoties er niet mogen zijn

Veel kinderen krijgen impliciet de boodschap dat bepaalde emoties ongewenst zijn. Doe niet zo boos. Doe ’s rustig. Het valt heus wel mee. Doe toch normaal.
De bedoeling van deze reacties is meestal goed.
Volwassenen proberen rust te brengen. In een klas, thuis of op een speelplaats is het vaak simpelweg nodig dat het weer rustig wordt.

Maar voor een kind kan de boodschap anders binnenkomen.

Niet: je gedrag is nu te heftig.
Maar: wat jij voelt mag hier niet zijn.
En wanneer een kind dat vaak genoeg ervaart, leert het niet zozeer zijn emoties te reguleren, maar vooral om ze onder controle te houden.

 

Daar ontstaat een belangrijk verschil: het verschil tussen emotieregulatie en emotiecontrole.

 

Emoties reguleren of emoties controleren

Emotieregulatie betekent dat iemand leert omgaan met gevoelens. Dat een kind leert herkennen wat het voelt, begrijpen waardoor een emotie ontstaat en zijn gedrag kan sturen. De emotie zelf mag er dan nog steeds zijn. Emotiecontrole is iets anders. Dan leert een kind vooral dat emoties niet zichtbaar mogen zijn. Boosheid wordt ingehouden, verdriet wordt weggedrukt en frustratie wordt ingeslikt. Van buiten lijkt het dan rustig, maar van binnen blijft de spanning bestaan. Veel hoogbegaafde kinderen zijn hier eigenlijk heel goed in. Ze passen zich aan, houden zich in en proberen rationeel te begrijpen wat er van hen verwacht wordt. Totdat het niet meer lukt. En dan wordt het gedrag vaak gezien als een gebrek aan emotieregulatie, terwijl het soms juist het moment is waarop de controle niet langer vol te houden is.

Het brein en heftige emoties

Wanneer een kind stress ervaart, neemt het overlevingssysteem van het lichaam het over. In het limbische systeem speelt de amygdala daarin een belangrijke rol. Deze reageert razendsnel op mogelijke dreiging. Op dat moment wordt er niet eerst rustig nagedacht. Het lichaam schakelt over op een overlevingsreactie: vechten, vluchten, bevriezen of behagen. Heftige emoties zijn dus geen bewuste keuze. Ze overkomen kinderen.

Het Window of Tolerance bij emoties

Een helpend model om dit te begrijpen is het zogenoemde Window of Tolerance, beschreven door Daniel Siegel. Binnen dit “venster” voelt een kind zich veilig genoeg om te denken, te voelen en contact te maken. In deze toestand is emotieregulatie mogelijk. Maar wanneer een kind buiten dit venster raakt, neemt het overlevingssysteem het over. Sommige kinderen schieten omhoog in spanning: ze worden boos, onrustig of agressief. Andere kinderen trekken zich juist terug, worden stil of lijken afwezig. 

Wat volwassenen dan vaak proberen, is het gedrag te corrigeren of onder controle te krijgen. Maar regulatie ontstaat pas wanneer een kind weer terug kan keren binnen zijn Window of Tolerance. Daarvoor zijn vaak andere dingen nodig: veiligheid, begrip en verbinding.

Van overleven naar leven

Wanneer het zenuwstelsel vooral gericht is op overleven, reageren kinderen sneller vanuit stress. Door rust, veiligheid en verbinding kan het zenuwstelsel weer verschuiven naar een toestand waarin er ruimte ontstaat om na te denken, te voelen en te herstellen. Dat betekent niet dat er nooit meer emoties zullen zijn. Emoties horen bij het leven.

 

There will always be thunderstorms, so buy a better raincoat.
— Matt Zakreski —

 

There will always be thunderstorms, so buy a better raincoat.
— Matt Zakreski —

 

Heftige emoties

Onweersbuien horen bij het weer, net zoals emoties bij het leven horen. De kunst is niet om ze te voorkomen, maar om kinderen te helpen leren hoe ze ermee om kunnen gaan.

Heftige emoties bij hoogbegaafde kinderen zijn dus niet iets wat “weg moet”. Het zijn signalen van een brein dat veel waarneemt, veel denkt en veel voelt. Wanneer kinderen leren dat hun gevoelens er mogen zijn en dat ze geholpen worden om ermee om te gaan, ontstaat er ruimte voor echte emotieregulatie. 

Niet door controle, maar door begrip, veiligheid en verbinding.

Karin van Toor

Terugbelverzoek

Stel me een vraag, boek een sessie, stuur me een mailtje, om door de bomen het bos weer te zien en ook jouw mogelijkheden (of die van je kind) te benutten. Ik help je graag!

Meer inzicht in hoe jouw zoon of dochter leert leren en zijn of haar doorzettingsvermogen en zelfvertrouwen toeneemt?

Onderpresteren hoogbegaafdheid

Plan je sessie hier